1. Taal (basis)

De onderdelen bij taal:

  • Spellingletters-20
  • Werkwoordspelling
  • Zinsbouw
  • Taalkundig ontleden
  • Redekundig ontleden

Spelling en werkwoordspelling worden geoefend volgends de spellingsregels die op school gehanteerd worden. Bij  het ontleden worden bij het taalkundig ontleden alle woordsoorten benoemd en bij het redekundig ontleden worden alle zinsdelen benoemd. Ook hier krijgt uw kind regels aangeleerd die op school ook gebruikt worden. Een heleboel kan mondeling geoefend worden, maar vaak helpt ook een schriftelijke verwerking om tot een goed resultaat te komen.

In elk onderdeel wordt gewerkt van makkelijk naar moeilijk. Per kind kijk ik eerst op welk niveau er met de extra hulp gestart moet worden. Zo pakken we samen de hiaten aan.